Verslag oktober '15

  1. Home
  2. /Kenniscafé
  3. /Het Kenniscafé in 2015
  4. /Verslag oktober '15

"We hebben al zo lang en nog steeds een bepaalde argwaan jegens China"
“Kun je met zo’n strenge regie wel innovatief zijn?”
"De kwaliteit van chinese bestuurders is hoger dan die van Nederlandse politici"

door Thijs Wartenbergh

China is nog steeds een opkomende economie. Investeringen door China in Nederland zijn een paar druppels op de plaat van de Nederlandse economie. De avonturen van Brechtje in China (vrij naar titels van de Kuifje-boeken). In China mag geen ‘crazy architecture’ meer worden gerealiseerd. Bestuurders van de communistische partij in China zijn bekwamer dan onze politici. Nederlanders zijn met een zekere arrogantie geneigd om het wel en wee van andere landen, ook China, van een rapportcijfer te voorzien. China is niet corrupter dan elders. Wij zien China nog steeds als het Grote Gele Gevaar. Ofwel: ‘Jongen, kijk uit voor die Chinezen, hoor!’

Dat waren enige opvallende opmerkingen die werden opgetekend uit de monden van drie China-kenners tijdens de oktoberbijeenkomst van KennisCafé Almere in De Nieuwe Bibliotheek. Deze stond, zoals gebruikelijk, onder leiding van Peter van Schooten.

Mensenrechten
Dat de focus dit keer op China lag, viel toevallig samen met een bezoek van het koninklijk paar en zijn kinderen aan dit land. Niet dat je tijdens zo’n visite de nogal bekritiseerde mensenrechten in China ter sprake moet brengen, liet een van de sprekers, Frank Pieke (antropoloog en hoogleraar Moderne China Studies) weten. “Dat heeft toch geen enkele zin. Het maakt voor de Chinezen geen enkel verschil als zoiets naar voren wordt gebracht. Die zijn op dit punt wel wat gewend."

Maar dit terzijde. Henk Vaandrager (lecturer China Economics) werd door Van Schooten gevraagd hoe de sterke economisch groei van China tot stand is gekomen. Want die is fors en daar wordt vanuit het westen met de nodige jaloezie naar gekeken. Het gaat om een typisch productieland: men is er goed in dingen produceren, world class, volgens Vaandrager. De niet te stuiten opkomst  is te danken aan het concurreren met lage lonen. Westerse bedrijven kopen daar vervolgens graag de goedkope artikelen. “Alles is er strak geregisseerd. Je praat in feite over een dictatuur”, liet hij erop volgen. “Kun je, echter met zo’n strenge regie wel innovatief zijn?”, vroeg hij zich vervolgens af.

De afgelopen jaren is de term ‘lagelonenland’ enigszins verwaterd: zeker in een bloeiende omgeving als Shanghai zijn de lonen inmiddels fors gestegen en liggen die op een Europees vergelijkbaar niveau. China heeft zich voorts, vanwege de recente economische crisis in de wereld, minder afhankelijk gemaakt van de export. Voldoende afzet vinden voor de producten kwam, door die crisis, namelijk in het gedrang. De focus ligt nu op de Chinese consument (1.3 miljard inwoners telt het land). De afgelopen jaren is er veel geïnvesteerd in infrastructuur, dat kon omdat er – met al die buitenlandse klanten - veel geld de schatkist is ingestroomd. “Je vraagt je wel eens af: moet er nog meer geïnvesteerd worden?”, aldus Vaandrager.

Hij zet overigens grote vraagtekens bij de groeicijfers van de Chinese economie, om niet te zeggen dat hij die getallen niet gelooft. “Die groei is wat afgenomen, maar ligt altijd nog op 6.9 procent. Je zou zeggen: een mooi percentage, maar het gaat er bij mij niet in dat het getal zo hoog ligt. Indicatoren als minder schepen en treinen, en dus minder opdrachten, wijzen erop. De Chinese overheid het cijfer hoog houdt omdat men geen instabiliteit wil. Dat gaat boven alles.”

Ongelooflijke groei
Brechtje Spreeuwers vertoeft iedere maand een week in China, veelal in Shenzhen, een stad met 10 miljoen inwoners, gelegen nabij Hong Kong. Shenzhen heeft de gelopen 40-50 jaar een ongelooflijk snelle groei doorgemaakt: van 300.000 tot het huidige aantal bewoners van 14 miljoen (inclusief nabijgelegen dorpen) . Als architect en stedenbouwkundige wordt zij – via bureau MLA+ uit Rotterdam – vooral ingehuurd om kwaliteit aan te brengen in de bouwprojecten. “Bouwen kunnen ze wel, op een pragmatische manier en snel ook, maar ze kunnen hulp gebruiken bij het invoegen van parken, een bepaald type gevels, onderhoud, binnenhofjes, speeltuinen en dergelijke. In die grote steden is de leefomgeving, denk aan luchtvervuiling, niet altijd geweldig. Daar probeer ik wat aan te doen.”

Samenwerking met een Chinees bureau is nu van de grond gekomen: handig, want de Chinese vakbroeders kennen de lokale cultuur, de regelgeving, de overheid en allerlei processen die komen kijken bij dit soort werk. Wat regelgeving betreft: dat blijkt de grootste hindernis. “De ene ambtenaar zegt: prima plan, terwijl je later hoort dat zijn chef het afwijst. Kun je overnieuw beginnen”, aldus Spreeuwers.

Ze maakte in haar uiteenzetting nog een uitstapje naar Afrika, vooral de door forse investeringen inmiddels flinke invloed van China in bepaalde Afrikaanse landen. Zoals in Kenia en vooral de hoofdstad Nairobi. China laat zich steeds meer zien in Afrika, omdat het grondstoffen nodig heeft voor onder andere mobieltjes. “Ik heb er de bouwmethode bestudeerd die China daar toepast. Chinezen bouwen in dat land namelijk veel huizen. Hoewel die woningen klein zijn, worden ze graag gebruikt door Kenianen. De Chinese aanpak wordt daar meer gewaardeerd, - omdat het tastbaar is - dan de ontwikkelinghulp die westerse landen jarenlang hebben gegeven.”

Hoewel Shenzhen een miljoenenstad is en er al veel gebouwd is, denkt Spreeuwers dat er nog wel plekken te vinden zijn in de stad waar er nog meer gerealiseerd  kan worden. “Het is mogelijk dichter op elkaar te bouwen. Men moet niet automatisch meer denken om weer naar de buitenwijken uit te wijken als er meer woningen nodig zijn. Kijk naar Hongkong: daar is eveneens veel gebouwd, en dicht op elkaar, maar het zorgt ook voor voorzieningen die altijd dichtbij zijn en volop benut worden.” Het mag dan, van overheidswege, geen ‘crazy architecture’ meer zijn, er staan al genoeg vreemde bouwwerken.

‘Angst’
Frank Pieke verbaasde zich niet over sommige vragen van de toehoorders bij het KennisCafé waaruit een zekere angst voor de Chinezen naar voren kwam. Ook Van Schooten gaf toe dat hij een negatief beeld had over China had, maar ‘dat dit na deze avond bijgesteld was’. Pieke: “Ik spreek vaker in het land en ik hoor steeds opmerkingen die zekere vooroordelen inhouden over het land en zijn inwoners. En dat gaat niet weg. Toen ik, jaren geleden, regelmatig naar China ging zei mijn moeder zaliger al: ‘Jongen, kijk uit voor die Chinezen, hoor.”

Dat beeld bestaat al eeuwen. Chinezen werden destijds gezien als wijze mensen, een beschaafd volk, waar omheen een waas van mystiek hing. Ze maakten mooie beelden van keramiek, kwamen met prachtige zijde voor de dag en ze waren met zo velen. “Aan de andere kant bestond er een visie dat wij, uit het rijke westen, dat land moesten zien te redden want er heerste toch ook veel armoede. Maar ook: zij bedreigden ons, het was Het Gele Gevaar (The Yellow Peril) waar wij ons tegen moesten verdedigen. Er was steeds sprake van een mengeling van bewondering en angst. Die mix leeft vandaag de dag nog bij veel Nederlanders.”

Ja, en dan heb je natuurlijk die communistische partij. Bij een bijeenkomst van het Nationale Volkscongres is er sprake van een applausmachine. Van enige discussie, laat staan kritiek, is geen sprake. Kan geen sprake zijn, moeten we misschien zeggen. De partij heeft inmiddels bijna 100 miljoen leden en nieuwkomers staan te dringen om zich partijlid te mogen noemen.

Pieke verbaasde zijn gehoor nogal door te stellen dat er in feite negen partijen zijn: uiteraard de almachtige volkspartij, maar daarnaast acht andere, democratische partijen. Die worden weliswaar geleid door die grote partij, maar dat achttal houdt feeling met de bevolking en doet, samen met andere organisaties, suggesties wat er leeft onder de bevolking zodat passende maatregelen genomen kunnen worden.

We hebben het, dat is wel duidelijk, over een autoritair systeem, woorden van Pieke. Er is geen democratie, de partij is aan de macht. “Het is geen prettig regiem, maar wel efficiënt. Je praat hier over een professionele en flexibele organisatie”, zei hij. De spreker had waardering voor de kwaliteit van de bestuurders. “Die sla ik hoger aan dan die van Nederlandse politici.” En wat betreft de mensenrechten, waar veel kritiek op is? Pieke nam het daarbij op voor China. “Wij Nederlanders zijn met een zekere arrogantie snel geneigd een land te veroordelen door dat te voorzien van een rapportcijfer. Het lijkt soms wel of we teruggaan naar de 19e eeuw, toen we heidenen gingen kerstenen.”

En het kapitalisme, een moeilijk begrip in China. Kun je dat wel zo omschrijven in een communistisch land? “Daar hebben ze het liever over een sociale machtseconomie, een begrip waarin het socialisme is verwerkt”, aldus Pieke.  Een autoritair systeem of niet, de Chinese middenklasse zal het een worst wezen, liet hij verder weten. “Als er maar sprake is van een goed bestuur, dat de zaakjes goed regelt voor de rijken. Als het maar niet inefficiënt is, dan komt het wel goed voor een grote groep in het middensegment. En is China corrupt? “Ja”, gaf Pieke aan, “maar niet corrupter dan elders.”