Verslag november '15

  1. Home
  2. /Kenniscafé
  3. /Het Kenniscafé in 2015
  4. /Verslag november '15

"De docent is een productiemedewerker geworden"
"Het curriculum fungeert als dwangbuis"
"Een cijfer geven is subjectief en geeft schijnveiligheid"

Studenten zitten te veel in een keurslijf. Ze kunnen zich daardoor nauwelijks ontplooien. De student gaat creatiever denken via ‘art-based learning’. De docent is een productiemedewerker geworden. Cijfers geven in het onderwijs moet verleden tijd zijn. Schoolvakken moeten onderling met elkaar verbonden worden, dat geeft een leerling veel meer kennis en inhoud.

Dat waren enkele opvallende opmerkingen die werden gemaakt tijdens het Kenniscafé in de nieuwe bibliotheek in Almere. Het was de november-aflevering. De thuisblijvers bleken ongelijk te hebben: vele interessante wetenswaardigheden en gedurfde uitspraken werden aan de toehoorders opgediend door Jeroen Lutters, lector Kunst- en cultuureducatie bij ArtEZ hogeschool voor de kunsten, Juliette Walma van der Molen, hoogleraar Talentontwikkeling bij de Universiteit Twente en Karijn Helsloot, innovation advisor bij hogeschool Windesheim. Het centrale thema was Bildung.

Dwangbuis
Lutters verzorgde de aftrap. Hij fileerde deskundig de huidige colleges die studenten voorgeschoteld krijgen. “Het curriculum is een dwangbuis”, vertelt Lutters. “Er is nauwelijks ruimte voor vrije zelfontwikkeling van studenten. Het Maagdenhuis werd eerder dit jaar niet voor niets bezet door gefrustreerde studenten. Zij wilden dat er op een andere manier college gegeven zou worden. Dat een student af en toe eens iets persoonlijks kan vertellen, over een reis, een ziekte van een naaste, noem maar wat. Die kans is er zelden of nooit. Daarom heeft een aantal studenten de Bildung Academie opgericht. Ze misten namelijk iets. Zelfontplooiing. Die hopen ze bij deze academie, waar ik ook een week geweest ben, te vinden.”

Wat er op de universiteit momenteel gebeurt: Lutters heeft er weinig goeds over te melden. De student is geïnstrumentaliseerd, de docent is met handen en voeten geboden aan het curriculum en wordt daardoor een soort productiemedewerker. Geloof het of niet, die term wordt – volgens hem - op een hogeschool als omschrijving van een docent gebruikt. “De student zit vaak in een bedompte omgeving. Dat lokt niet uit tot creatief denken. Bij de Universiteit van Gent zit je zelfs, zo zie ik het, in een gevangenis. Wat een weerzinwekkende omgeving. We zitten, kortom, aan alle kanten vast in het onderwijs. Er is geen uitweg.”

Keerzijde
De volgens hem ongewenste aanpak op de universiteiten zorgt er wel voor, het is de keerzijde, dat onze universiteiten goed te boek staan, met name in het buitenland. Maar, er zou aandacht moeten zijn voor Bildung, Die kant moet het volgens hem op. Hij weet wel hoe dat kan, via art-based learning, door hemzelf ontwikkeld. Kunst is daarbij de kennisbron en helpt je bij het oplossen van problemen. Om mee te beginnen: je moet met een vraag een museum ingaan, dan krijg je vrijwel zeker een antwoord. Je moet ook anders naar een kunstwerk kijken.

Neem in dit verband het werk van Goya, zoals Saturnus, die een van zijn kinderen verslindt. Te vinden in het Prado te Madrid. Lutters: “Dat werk wekt afschuw op, maar je kunt ook denken dat het waar kan zijn. Je moet als het ware even gek worden. Noem het photoshoppen in jezelf. Dan zit je midden in een James Bond-film. Je laat je verbeelding werken. Er ontstaat iets in jezelf, iets wat meer is dan het meetbare.”

Zodra je het museum uit bent, volgt de ontnuchtering. “Maar”, gaat hij verder, “je hebt een geweldige ervaring gehad die je veel waardevolle informatie heeft gegeven. Je hebt even de werkelijkheid kunnen manipuleren. Je vergeet zo’n kunstwerk, in dit geval van Goya, nooit meer. Op die manier, na meerdere van die ervaringen, bouw je van binnen een kunstcollectie op waar je regelmatig op terug kunt vallen.” Hij gelooft dat je dergelijke indrukwekkende ervaringen ook met muziek kunt opdoen. Die kan je ook helemaal meeslepen naar een andere wereld.

Containerbegrip
Juliette Walma van der Molen meent dat Bildung een containerbegrip is geworden (Karijn Helsloot heeft het liever over vorming). De eerste ziet vijf elementen die Bildung kunnen vormen: nieuwsgierigheid, creativiteit, brede ontwikkeling, sensitiviteit en jezelf voortdurend vernieuwen/steeds nieuwe vragen stellen. “Die elementen zou je bewuster in het onderwijs moeten verwerken. Daarmee doe je aan talentontwikkeling. Dat gebeurt helaas (nog) te weinig. Het is teveel een eenrichtingsverkeer”, meent ze.

In het huidige onderwijssysteem worden kinderen teveel afgerekend op taal en rekenen en vormen standaardtoetsen het hoofdbestanddeel. Dat is een beperkte denk- en handelwijze, die moet veranderen, vindt ze. Dat is een taak van overheid, schoolbesturen, leraren en ouders, die daarbij kunnen helpen.

Helsloot vult dat aan: “Het Teachers College van Windesheim Flevoland, waar ik nauw bij betrokken ben, speelt daarop in. We leiden daar op voor de leraar van de toekomst. Een leraar die out-of-the-box kan denken en oog heeft voor vernieuwingen. De student kan zowel in het basis- als het voortgezet onderwijs terechtkomen. We leren de studenten het beste uit leerlingen te halen.”

21e eeuw
Zo’n vernieuwende aanpak, waar Walma van de Molen zich in kan vinden, is nodig omdat het huidige onderwijs niet meer aansluit op wat nodig is voor de 21e eeuw. Daarbij denkt ze aan vaardigheden als creativiteit, ondernemerschap, IT-vaardigheid, doorzettingsvermogen en nieuwsgierigheid. Het Teachers College kijkt breed, waarbij diverse vakken onderling worden verbonden. Walma van der Molen: “We kunnen tegenwoordig aan alle denkbare informatie komen. Via internet vooral. Je kunt je afvragen: moeten we kinderen rijtjes uit hun hoofd laten leren, of kunnen we ze niet beter kritisch leren denken? Het Teachers College is prima bezig: we hebben docenten nodig die breder kijken. Natuurkunde, scheikunde, biologie: het zijn monovakken, op zichzelf staand. Een soort navelstaarderij. Waarom verbinden we die niet, door er thema’s aan op te hangen?”

En dan is er nog iets: in het onderwijs is cijfers geven de standaard. Zowel Helsloot als Walma van der Molen meent dat we daarvan af moeten. Daarmee wordt al gewerkt in Twente.  Helsloot: “Studenten kunnen ook op een andere manier laten zien wat ze in huis hebben: via een kunstvorm bijvoorbeeld. Samen met andere studenten een project doen, muziek maken, beeldende vorming.” Walma van der Molen over het geven van cijfers: “Een cijfer is vaak iets subjectiefs, het geeft een schijnveiligheid. Aspecten als nieuwsgierigheid, houding en motivatie zijn bij een student, dan wel leerling wel zo belangrijk.”