Verslag april '14

  1. Home
  2. /Kenniscafé
  3. /Het Kenniscafé in 2014
  4. /Verslag april '14

Over Gedragsstoornissen

"Scans van de hersenen leiden tot meer kennis van bijvoorbeeld schizofrenie"
"ADHD-ers zijn snelle denkers, zien alles en leggen snel verbanden"
"Een schilder kan maar beter een beetje psychotisch zijn: in zo’n periode is hij namelijk erg creatief"

Tekst: Thijs Wartenbergh

“De mens doet al zo’n 350 jaar studie naar ons brein, de hersenen, en nog steeds weten we er niet alles van.” Dat zei donderdagavond 24 april tijdens KennisCafé Almere in de nieuwe bibliotheek, assistent prof.dr. Martijn van den Heuvel, onderzoeker bij het Universitair Medisch Centrum Utrecht. Hij was, onder leiding van Peter van Schooten, één van de drie sprekers die het thema ‘Gedragsstoornissen’ te lijf gingen.

Van den Heuvel doet onderzoek naar de connecties in de hersenen. Hij brengt, als ware het een wegenkaart, in beeld hoe verbindingen in ons brein lopen. “De gebieden in onze hersenen zijn door draadjes verbonden. Ik probeer duidelijkheid te verschaffen over die draadjes. Hoe lopen die connecties? Het geheel is een communicatiesysteem. Er meer over te weten komen is belangrijk. Je kunt die kennis gebruiken in relatie tot ons menselijk gedrag”, vertelde hij.

80 miljard
Natuurlijk is er al het nodige bekend van hetgeen er onder onze schedel plaatsvindt. Zo bestaan de hersenen uit maar liefst 80 miljard zenuwcellen. Een zenuwcel bestaat weer uit een cellichaam met meerdere korte uitlopers. “Het is een complex geheel”, aldus Van den Heuvel. “De eerder genoemde draadjes zorgen voor een efficiënte communicatieoverdracht. Het brein kun je zien als een railnetwerk. De treinen zorgen voor de communicatie, de rails zorgen voor een goedlopend vervoersysteem. Grote bundels vormen de snelwegen en er zijn ook kleine zandweggetjes, om het zo maar te noemen.”

Hoe komen we meer te weten over de werking van onze hersenen? Door de hersenen van overledenen te onderzoeken, terwijl MRI-scans ook informatie verschaffen. “Op die manier kan naar de oplossing voor hersenaandoeningen worden gezocht. Zo gaan ook mensen met schizofrenie (bij hen is sprake van een verstoorde interactie tussen hersenprocessen) door de scanner. Je kijkt dan wat mensen met een hersenaandoening voor gedrag vertonen.”

In Amerika zie je een beweging waarbij een scan van de hersenen als ‘bewijs’ door een gedaagde in een rechtszaak wordt gebruikt. Van den Heuvel: “Stel dat iemand een tumor heeft, dan is dat waarschijnlijk een verklaring voor zijn gedrag”, is de gedachte. Scans van de hersenen leiden in algemene zin tot meer kennis van bijvoorbeeld schizofrenie, en biedt de kans eerder in te grijpen in geval van een ziekte. Via ‘personolized medicine’, medicatie op maat.

Stuiterende kinderen
Dienke Bos, onderzoeker bij het Niche-lab over oorzaken en gevolgen van ADHD, ging vervolgens in op ‘stuiterende kinderen’: hyperactieve jongeren die een leerkracht handenvol werk bezorgen. De term ADHD hoor je tegenwoordig vaak. Van een epidemie wil ze echter niet spreken: er is simpelweg meer aandacht voor de laatste vijf tot tien jaar.

Zo’n vijf procent van de kinderen heeft volgens haar de diagnose ADHD gehad. Vanaf de jaren '50 hebben we het over minimal brain disorder, later werd dat ADHD ( (Attention Deficit Hyperactivity Disorder), ook wel een stoornis genoemd waarbij een tekort aan aandacht een belangrijke rol speelt. “Vroeger had je die drukke types ook. Toen werden ze timmerman of bakker”, aldus Bos. De verhouding jongens tot meisjes met ADHD is 4:1.

Je hebt echt last van ADHD (‘geen ziekte’, meent ze) als je handelen er door beperkt wordt. Enige subjectiviteit is bij zo’n diagnose door een arts niet weg te denken. In ieder geval dienen zes criteria van toepassing te zijn. Op de oorzaak van de stoornis is moeilijk de vinger te leggen. De leefomgeving van de betrokkenen speelt in ieder geval een rol.

Ritalin of visolie
Ritalin is een medicijn dat goed helpt om ADHD te onderdrukken: het is een stimulerend middel. De gedachte erachter is dat bepaalde delen in de hersenen te weinig geprikkeld worden. De ADHD’er gaat daardoor op zoek naar prikkels en vertoont daardoor zijn/haar onrustige gedrag. Ritalin zorgt voor een rustige fase. Niet bij iedereen slaat het medicijn aan, bij bijna 3 van de 4 kinderen is dit wel het geval, dat is in ruim meer dan de helft van de gevallen. Het medicijn wordt in Nederland 200.000 maal voorgeschreven. Onder scholieren schijnt Ritalin overigens populair te zijn.

Bos onderzoekt momenteel het effect van visolie op ADHD. Dat kan mogelijk een middel zijn om ADHD te onderdrukken. Uit de zaal kwam overigens de opmerking dat we, hoewel hyperactiviteit negatieve associaties oproept, ADHD’ers in de toekomst hard nodig zullen hebben. “Het zijn snelle denkers, ze zien alles en leggen snel verbanden”, was de mening.

Psychotisch
“Een psychotische ervaring verlokt en stoot af, het is zowel een angstige als euforische periode”, vertelde vervolgens Wouter Kusters, auteur van het boek ‘Filosofie van de waanzin’. Hij heeft ervaring met zo'n toestand, een ervaring die hij in 1987 opdeed, en in een latere fase nog eens. Die tweede maal betekende, zoals hij aangaf, een soort ‘veldwerk’: hij probeerde het psychotisch zijn te verklaren aan de hand van de filosofie, althans aan de hand van uitspraken en studies van filosofen. Hij was zelf ook filosofie gaan studeren, waardoor hij - aan beide zijden - over kennis van de materie beschikte.

Een psychiater kan een patiënt behandelen, maar meestal stelt de behandelaar de neurotransmitteroverdracht bij (een neurotransmitter is een stofje in de hersenen), waardoor een behandeling slaagt maar de patiënt onbegrepen blijft. Om een psychoot wél te kunnen begrijpen biedt de filosofie meer handreikingen, meent Kusters. “Ik leg de waanzin op een filosofische manier uit”, gaf hij aan.

Nogal wat filosofen hebben een psychotische ervaring gekend. “Die volg ik: wat maken ze mee?”, aldus de schrijver. Waarom loopt de tijd niet achteruit? Dat is een vraag die een filosoof of een waanzinnige wil beantwoorden, ging hij verder. Je kunt, meende hij, een scan maken van iemand met schizofrenie, zoals Van den Heuvel liet weten, maar je kunt ook - volgens Kusters - kijken wat de wereld van een schizofreen inhoudt. Te lang is naar zijn idee medicatie voor psychiatrische patiënten te belangrijk geweest. “Er werd over en niet met patiënten gepraat. Dat is niet goed.”

Hij kwam vervolgens tot de opvallende uitspraak dat ‘een schilder maar beter een beetje psychotisch kan zijn’: in zo’n fase is hij namelijk erg creatief. Een psychotische ervaring kan de hel en de hemel zijn, legde hij verder uit. Een patiënt kan op een bepaald moment in extase zijn, maar een volgend ogenblik gevoelens hebben van niet-zijn, de dood eigenlijk. En van angst, en achterdocht. “Het is in feite een verlies van de natuurlijke vanzelfsprekendheid, van het alledaagse. Hoe je moet autorijden bijvoorbeeld. Je droomt eigenlijk met je ogen open, en je zit toch samen met anderen om je heen.”