Ontstaan

  1. Home
  2. /New Towns
  3. /Introductie
  4. /Ontstaan

De geboorte van de New Town


 Plan van Howard's tuinstad

Inmiddels kwam er weer een nieuwe gedachte voor de nieuwe stad op. In Engeland werd in 1902 een boek over nieuwe stedenbouw gepubliceerd van de hand van Ebenezer Howard. Hij gaf zijn boek de titel “Garden Cities of Tomorrow”, met de veelzeggende ondertitel “A Peaceful Path to Real Reform”. Deze Howard voelde zich sterk aangesproken door de abominabel slechte woontoestanden die in Londen en andere grote steden in Engeland ( en op het continent!) waren ontstaan als direct gevolg van de snelle industrialisatie. Grote hoeveelheden mensen waren van het platteland vertrokken naar grote steden om daar in de nieuwe fabrieken te gaan werken. Maar er waren onvoldoende woningen en de woningen die er waren raakten overbevolkt en verkeerden in een verschrikkelijke conditie. Het leven in de Londense slums was een ware hel, met ziektes, geweld, vervuiling en lawaai als normale verschijnselen die een goed bestaan onmogelijk maakten.
Het gevaar voor opstanden en rellen was dan ook niet denkbeeldig. Howard zocht de oplossing voor dit vraagstuk in een geheel nieuwe aanpak van de volkshuisvesting en de verstedelijking. Hij stelde voor op grotere afstand van Londen (zo’n 15-30 km) nieuwe steden te stichten die veel groen zouden moeten hebben en ruime lichte woningen. Hij noemde deze steden dan ook “tuinsteden”. Ze zouden niet te groot moeten worden ( ongeveer 30.000 inwoners) en er zouden veel voorzieningen in deze steden moeten worden gesticht, zoals scholen, buurthuizen, ziekenhuizen e.d. Er zou ook voldoende werkgelegenheid moeten zijn, zodat de bewoners op korte afstand van hun woning konden werken en dat alles in een gezonde en lommerrijke omgeving.
Met deze gedachte zou Howard de vader worden van de moderne New Town Movement, die overal in de wereld in de jaren daarna grote navolging zou gaan krijgen. In Engeland zelf werden in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw enkele van deze tuindorpen gerealiseerd, waaronder Welwyn Garden City en Letchworth, beide nabij Londen.

Na de tweede wereldoorlog werd er in heel Engeland, Schotland en Wales een intensief New Town programma uitgevoerd waarin vele grote nieuwe steden werden opgenomen en ook daadwerkelijk gerealiseerd. Deze moderne nieuwe steden waren veel groter dan de eerste tuindorpen van Howard, zoals bijvoorbeeld de nieuwste stad Milton Keynes in Midden-Engeland, die uitgroeide naar zo’n 300.000 inwoners.

Ook in Nederland vond deze gedachte navolging. Al in het begin van de vorige eeuw had de bekende arts-schrijver Frederik van Eeden zich bezorgd getoond over de wantoestanden in de  grote steden en gepleit voor een nieuwe vorm van volkshuisvesting en samenlevingsvormen. Hijzelf stichtte daartoe voor hemzelf en enkele geestverwanten de kolonie Nieuw Walden in het Gooi, waar dit ideaal van samenwonen werd uitgeprobeerd. Zijn vriend Jaap London maakt in die tijd een ontwerp voor een zogeheten Lichtstad, waarin- de naam zegt het al- de bewoners in een lichte en ruime omgeving kunnen wonen.
In Amsterdam ontwerpt de directeur van de gemeentelijke Dienst Volkshuisvesting een plan voor een Howardiaanse tuinsteden op afstand van Amsterdam. Een plan dat niet wordt uitgevoerd maar dat wel aanleiding geeft voor het nadenken over de volkshuisvesting in nieuwe wijken van Amsterdam, wat leidt tot het zogeheten Algemeen Uitbreidingsplan (plan West) van de internationaal gerenommeerde Amsterdamse stedenbouwkundige C. van Eesteren. Dit plan voorziet niet in afzonderlijke tuindorpen, maar wel in nieuwe grote tuinstadachtige wijken als uitbreiding van Amsterdam.

In dezelfde tijd worden de plannen voor de inrichting van de nieuwe IJsselmeerpolders ontwikkeld.

 

 Plan Almere 1977
(T. Koolhaas associates)

In deze polders zullen vele nieuwe dorpen en steden moeten worden gebouwd: allen geheel nieuw opgezet en in korte tijd planmatig gebouwd. Daarom te beschouwen als echte nieuwe steden. Voor deze stedenbouw worden ontwerpen gemaakt die deels nog de tekenen dragen van de oudere ontwerpersgarde, maar er zijn ook ontwerpen die het stempel van de moderne stedenbouw dragen, zoals het dorp Nagele in de Noordoostpolder, Dronten in Oostelijk Flevoland en het plan voor Lelystad.
Later volgen moderne plannen voor het dorp Zeewolde en de grote nieuwe stad de grote stad Almere. Naast deze compleet nieuwe steden in de droog gemaakte IJsselmeerpolders kent ons land nog een aantal stedelijke ontwikkelingen die als ‘nieuwe stad’ mogen worden betiteld omdat de toevoeging aan een reeds bestaande kleine kern zo omvangrijk is dat het nieuwe gedeelte sterk bepalend is geworden voor de stad als geheel. Dit zijn de zogeheten groeikernen als Purmerend, Houten, Nieuwegein, Zoetermeer, Hoofddorp en Emmen.
Kenmerkend voor deze nieuwe steden is - naast de snelle planmatige en veelal door de overheid geleide groei - het modernistisch ontwerp van stad en gebouwen, en het gebruik van moderne technieken en materialen. Aan deze steden is bijna altijd scherp af te lezen in welke tijd en volgens welke stedenbouwkundige stroming zij zijn ontworpen en gebouwd. Veel van de wat vroegere steden dragen naar vormgeving het kenmerk van de traditionalistische opvatting ( laagbouw, baksteen in een groene omlijsting), zoals in de vroege Engelse en Nederlandse tuinsteden- en
dorpen. Maar later in de tijd - zestiger jaren- worden de nieuwe steden gebouwd volgens modernistische opvattingen, die teruggaan op de beginselen van een architect als Le Corbusier, die zelfs eens opperde het stadscentrum van Parijs door modernistische nieuwbouw te vervangen.

In de concrete praktijk van de nieuwe stedenbouw echter zijn deze rigide vormen nooit gerealiseerd, en is een eigen modernistisch idioom van vormhoud en inhoud tot stand gekomen. De eigentijdse nieuwe steden getuigen hiervan.

Lees verder: Waar vinden we Nieuwe Steden?

Catalogus

In de catalogus van de Plusbibliotheken vindt u een enorme collectie (populair) wetenschappelijke boeken en artikelen.

U kunt gevonden media zelf aanvragen en afhalen in uw eigen bibliotheek.

Partners

Flevomeer bibliotheek