Plus bibliotheek Flevoland

Sociale robots in de zorg

  1. Home
  2. /Kenniscafé
  3. /Het KennisCafé in 2011
  4. /Verslag maart '11
  5. /Sociale robots in de zorg

Door Bernadet Timmer, communicatie gemeente Almere

In Almere wonen ook wetenschappers. Drie van hen vertelden eind maart over hun universitaire onderzoeken tijdens het Kenniscafé in de nieuwe bibliotheek in Almere. Op een aantal vaktermen na wisten ze de niet alledaagse onderwerpen helder over te brengen aan de naar kennis hunkerende belangstellenden. 

‘Acceptatie van sociale robots door ouderen’ is het onderzoeksonderwerp van dokter Marcel Heerink. Hij onderzocht het aan de opleiding Information Engineering (Almere) in de kenniskring Digital Life en behaalde er zijn graad mee aan de Universiteit van Amsterdam.

“In de westerse wereld hebben we een vergrijzingsgolf: een grote groep ouderen en relatief weinig jongeren om voor hen te zorgen. Met technologie kunnen we deze scheefgroei deels aanpakken.”

Zo zijn in Japan bijvoorbeeld exoskeletons (robotpakken) in gebruik, die je kunnen helpen bij bewegen. Er zijn ook intelligente rolstoelen, die je rechtop kunt zetten om ‘op ooghoogte’ te komen met anderen, of waarmee je trappen kunt lopen. “Het is een hele andere manier van kijken, vanuit de gebruiker”, meent Heerink. “Waar ik vooral naar kijk zijn sociale robots, die je gesproken opdrachten kunt geven.”

Zorg op afstand
Wat kunnen we met sociale robots? “Die techniek is nog in ontwikkeling. Het duurt nog een tijdje voor het algemeen gebruikt kan worden. Deze robots werken nu nog in een heel gecontroleerde omgeving. Zij kunnen maar circa 60 kilo tillen en verzekeringstechnisch zijn we er ook nog niet uit; wat als ‘ie je laat vallen? Je bent er wel afhankelijk van, dus ben je behoorlijk onthand als een robot stuk gaat of doorslaat.”

Wat ook kan, is telecare. “Als er iets aan de hand is, toont de robot de situatie en maakt contact meet de hulpverlening. Hij monitoort de situatie en kan desgewenst ook mensen volgen. Deze robot registreert het als je te lang stilligt of valt, heeft een wekkerfunctie, een routewijzer en kan zelfs moppen tappen. Ze kunnen alleen niet van te voren waarschuwen voor bijvoorbeeld een aanval van epilepsie: sommige honden kunnen dat wel.”

“Voor veel ouderen is het belangrijk dat een robot meegroeit: dat ze de robots accepteren. Het gaat om gebruiksgemak, de houding van mensen, de verwachtingen. Als je er tegen kunt praten, voelen mensen het al meer als een sociaal wezen. Aanpassingsvermogen van robots is  heel belangrijk. Mensen beoordelen hem ook op sociaal gebied. Als je ziet hoe ouderen zich tegen robots gedragen, dan merk je dat ze het beschouwen als een sociaal wezen.”

Peuters
Wat maakt een robot aardig? “Een robot ruikt altijd hetzelfde, maar je kunt hem wel minder monotoon laten praten of zijn vormgeving aanpassen. Zo werken we met een lichaamsverhouding zoals bij peuters: die zijn lief en kunnen ook niet zoveel.” Bij de een is het effect sterker dan bij de ander. “Dat heeft weinig te maken met leeftijd of ervaren nut. Je kunt verschillende robots voor verschillende mensen inzetten. We hebben robots getest in verzorgingstehuizen en bij mensen thuis. Daar waren 200 ouderen bij betrokken. Het onderzoek heeft vijf jaar geduurd, met verschillende robots, waaronder een robotkat, de icat.”

Hoe lang zal het duren voor robots gemeengoed zijn? “Telecarerobots worden nu al in productie genomen. Je hebt ook rollators met TomTom en Paro, het zeehondje voor dementerenden. Die werkt net als animal assisted therapy, waarbij mensen met dieren mogen knuffelen. Hoe dement moet je zijn om een robot als sociaal wezen te accepteren? Of is er ook acceptatie van robots door jongeren? “Dat heb ik niet onderzocht. Maar ik kan me voorstellen dat jongeren het makkelijker accepteren, bijvoorbeeld als ze gehandicapt zijn en ondersteuning nodig hebben. “